De gevolgen van de nieuwe Arbitragewet voor het arbitraal beding in uw algemene voorwaarden

Gepubliceerd op 23-03-2015

Het gebruik van algemene voorwaarden is voor de meeste ondernemers niet meer dan een vanzelfsprekend gegeven. Tevens is het – vooral in de bouw – heel gebruikelijk dat men in deze algemene voorwaarden een arbitraal beding opneemt, op basis waarvan niet de overheidsrechter, maar een arbiter – Raad van Arbitrage voor de Bouw – bevoegd is van een eventueel geschil tussen partijen kennis te nemen. Nu is op 1 januari jl. de nieuwe Arbitragewet in werking getreden en deze wet heeft nogal wat gevolgen voor het arbitraal beding in consumentenovereenkomsten.

In de rechtspraak en de literatuur is uitvoerig gediscussieerd over de vraag hoe het arbitraal beding in consumentenovereenkomsten zich verhoudt met de Europese richtlijn 93/13/EEG inzake oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten. In artikel 3 van voornoemde richtlijn is immers bepaald dat een beding in een overeenkomst waarover niet afzonderlijk is onderhandeld (zoals bij algemene voorwaarden gebruikelijk is), als oneerlijk wordt beschouwd indien het beding het evenwicht tussen de uit de overeenkomst voorvloeiende rechten en verplichtingen van de partijen ten nadele van de consument aanzienlijk verstoort. Voorts is in de bijlage bij de Richtlijn een indicatieve lijst opgenomen van bedingen die als oneerlijk kunnen worden aangemerkt. Eén van deze bedingen is het beding dat tot doel treft de consument te verplichten zich uitsluitend tot een niet onder een wettelijke regeling resulterend scheidsgerecht te wenden. Het arbitraal beding kan als een dergelijk beding worden gezien.

De discussie in de rechtspraak en de literatuur is uiteindelijk beslist door de inwerkingtreding van de nieuwe Arbitragewet op 1 januari jl., waarbij het arbitraal beding in consumentenovereenkomsten op de zwarte lijst van artikel 6:236 BW is geplaatst en dus als onredelijk bezwarend moet worden aangemerkt. In het oude artikel 6:236 sub n BW was opgenomen dat een beding dat voorziet in de beslechting van een geschil door een ander dan de overheidsrechter of een of meer arbiters onredelijk bezwaren was. De woorden ‘een of meer arbiters’ zijn in het nieuwe artikel 6:236 sub n BW geschrapt, waardoor een beding dat voorziet in de beslechting van een geschil door een ander dan de overheidsrechter vernietigbaar is. Deze vernietigbaarheid kunt u voorkomen door de consument een termijn van ten minste één maand te gunnen om te kiezen voor de overheidsrechter of door een aparte arbitrageovereenkomst met de consument te sluiten. Met de wetswijziging is beoogd de positie van de consument te versterken door hem voortaan weloverwogen te laten kiezen voor geschilbeslechting door middel van arbitrage.

Ingevolge het overgangsrecht is het arbitraal beding in algemene voorwaarden die dateren van op of ná 1 januari 2015 reeds vernietigbaar. Het arbitraal beding in algemene voorwaarden die dateren van vóór 1 januari 2015 is vernietigbaar vanaf 1 januari 2016. Indien u een arbitraal beding heeft opgenomen in uw algemene voorwaarden, is het dus raadzaam dit aan te passen aan de wetswijziging. Indien u dit niet doet, kunt u geconfronteerd worden met een vernietiging van het arbitraal beding.

Heeft u vragen over de nieuwe Arbitragewet en uw algemene voorwaarden? Wij hebben ruime ervaring op het gebied van arbitrage en het opstellen van algemene voorwaarden. Indien gewenst, kunt u contact opnemen met ondergetekende en uw vraag voorleggen.

Mr. K.D.C. Schemkes
Vakgroep Bouw en Vastgoed
schemkes@bierman.nl