Herstel fouten bij onderhandse procedure

Gepubliceerd op 16-10-2013

Regelmatig wordt een inschrijving in het kader van een aanbestedingsprocedure ongeldig verklaard wegens te late indiening van stukken. Soms bestaat een mogelijkheid tot herstel. Uit een onlangs gewezen vonnis blijkt dat de gekozen aanbestedingsprocedure daarop van invloed kan zijn.

In het ARW 2005 is bepaald dat de aanbestedende dienst de inschrijver bij een eenvoudig te herstellen gebrek de gelegenheid moet geven binnen twee werkdagen het gebrek te herstellen. Deze regeling is echter niet voor alle procedures hetzelfde.

Ten aanzien van de onderhandse procedure wijkt deze af van de overige beschreven aanbestedingsprocedures. Bij de onderhandse procedure wordt enkel de mogelijkheid geboden bewijsstukken die zien op uitsluitingsgronden alsnog aan te leveren terwijl bij de andere procedures dit ook geldt voor bewijsstukken aangaande geschiktheidseisen.

Dit is recent ook door Rechtbank Overijssel in een bodemprocedure (ECLI:NL:RBOVE:2013:1989) bevestigd. Een inschrijver die een bereidverklaring van de bank niet had ingediend, wenste in de gelegenheid te worden gesteld tot herstel. Geoordeeld werd dat het ARW 2005 bij de onderhandse procedure met betrekking tot geschiktheidseisen daarin niet voorziet.  

Er resteerde echter nog een andere mogelijkheid. In de jurisprudentie wordt onder omstandigheden aangenomen dat een inschrijver ook in de gelegenheid moet worden gesteld een eenvoudig gebrek te herstellen. In dat geval moet wel worden voldaan aan drie criteria. De gemaakte fout is een gevolg van omstandigheden die in de risicosfeer van de aanbestedende dienst liggen, het moet gaan om een evidente verschrijving of onbedoelde omissie van de inschrijver en de fout moet hersteld kunnen worden zonder schending van het gelijkheidsbeginsel. Doordat naar oordeel van de rechter geen sprake was van door de aanbestedende dienst veroorzaakte onduidelijkheid, werd inschrijver alsnog in het ongelijk gesteld.  

In het ARW 2012 is de regeling bij de onderhandse procedure inmiddels in overeenstemming gebracht met de overige aanbestedingsprocedures. Hierdoor zal de aanbestedende dienst ook ten aanzien van geschiktheidseisen bij de onderhandse procedure de inschrijver de gelegenheid tot herstel moeten bieden.

Mr. Edwin van Dijk  en mr. Serge Schuurman
Sectie Bouw en Vastgoed
Bierman Advocaten, Tiel
dijk@bierman.nl